SBR richtlijn voor trillingsmetingen
Voldoet de SBR richtlijn voor trillingsmetingen in alle gevallen in het voorkomen van schade aan gebouwen?
Hier kunnen we kort over zijn, dit is niet het geval. In een aantal gevallen waar trillingsmetingen worden uitgevoerd, waarbij de gemeten waarden onder de gestelde grenswaarde blijft voor gebouwen, kan evengoed schade ontstaan aan deze gebouwen.
Bij de meest voorkomende trillingen door bouwwerkzaamheden zoals heien van betonpalen en het intrillen van damwandplanken en andere kortdurende werkzaamheden die trillingen veroorzaken voldoet de SBR richtlijn voor trillingsmetingen.
Het gaat met name fout bij trillingen welke over een langere periode voorkomen maar onder de gestelde grenswaarde blijven. Denk hierbij aan vrachtverkeer, treinen, langdurige sloopwerkzaamheden op een plak, walsen en persen.
Omdat de SBR richtlijn de meest toegepaste regel is voor schade aan gebouwen door trillingen valt er "helaas" weinig aan te doen met bijvoorbeeld trillingsmetingen voor schade. Er is een kleine kans dat de optredende trillingen in de woning hoger zijn dan de grenswaarde voor hinder voor personen in gebouwen. Het moet dan wel zo zijn dat de verkeerssituatie recentelijk is vernieuwd, bijvoorbeeld een pas geplaatste verkeersdrempel, plaatselijke wegafsluiting of omleiding waardoor er meer verkeer langskomt.
